Meer beelden per seconde klinkt altijd beter. Totdat je naar een film kijkt.
Geef gamers de keuze tussen 30 en 60 frames per seconde en een groot deel kiest zonder aarzelen voor 60. Alles beweegt soepeler, besturing voelt directer. Zet vervolgens een film op met een opvallend hoge framerate of schakel per ongeluk motion smoothing op je televisie in en dezelfde persoon zal meteen roepen: “Waarom ziet dit eruit als Goede Tijden, Slechte Tijden?”
Dat is eigenlijk heel vreemd.
Meer beelden per seconde geven ons meer visuele informatie. Waarom ervaren we dat bij een game als verbetering, terwijl een film er juist goedkoper door kan voelen? Het antwoord zit niet alleen in onze ogen. Het zit vooral in wat ons brein heeft geleerd te verwachten.
Film hoort er blijkbaar zo uit te zien
Films worden traditioneel grotendeels rond 24 frames per seconde vertoond. Niet omdat 24 fps een magisch getal is waarbij ons brein spontaan “cinema!” roept, maar het is wel een beeldtaal waarmee generaties kijkers zijn opgegroeid. Daardoor zijn we bepaalde visuele eigenschappen gaan associëren met film.
Die typische bewegingsonscherpte? Filmisch.
Dat iets minder vloeiende beeld? Filmisch.
Een bepaalde manier waarop een camera door een scène beweegt? Filmisch.
We hebben door duizenden uren kijken ongemerkt geleerd hoe een film eruit hoort te zien. En zodra je daarvan afwijkt, merkt ons brein dat razendsnel.
Waarom 60 fps ineens goedkoop kan voelen
Televisieprogramma’s, live-uitzendingen en video werden historisch vaak met andere beeldkarakteristieken opgenomen en weergegeven dan bioscoopfilms. Daardoor zijn we vloeiender beeld gaan koppelen aan andere soorten media.
Wanneer een film ineens extreem vloeiend beweegt, kan er daarom iets vreemds gebeuren. Het beeld bevat technisch gezien méér informatie, maar voelt voor ons minder als film. Decors kunnen ineens op decors lijken. Kostuums voelen eerder als kostuums. Acteurs lijken minder personages en meer mensen die op een filmset staan. De beeldtaal klopt gewoon niet meer met onze verwachting.
En games dan?
Maar bij games beoordelen we diezelfde vloeiendheid totaal anders. Wanneer ik in een film naar Batman kijk, ben ik toeschouwer. Wanneer ik in een game Batman bestuur, verwacht ik dat hij onmiddellijk reageert zodra ik een knop indruk. Daarom is framerate bij games niet alleen iets wat je ziet: je voelt het ook.
Meer frames kunnen betekenen dat bewegingen soepeler worden weergegeven en dat je sneller visuele feedback krijgt op je eigen input. Draai de camera en het beeld volgt vloeiender. Druk op een knop en de reactie voelt directer. Zeker bij snelle actie-, race- en competitieve games kan dat verschil enorm zijn. 60 fps betekent daar dus niet alleen: mooier beeld. Het kan betekenen: meer controle.
Hetzelfde beeld, een andere verwachting
Onze waarneming werkt niet als een meetinstrument dat simpelweg concludeert: 60 is meer dan 24, dus 60 is beter. We beoordelen wat we zien altijd binnen een context. Bij een film verwachten we een bepaalde beeldtaal. Bij een game verwachten we responsiviteit. Bij een nieuwsuitzending vinden we een heel andere uitstraling normaal dan bij Dune. Hetzelfde technische kenmerk kan daardoor in de ene context als kwaliteit voelen en in de andere als een fout. Ons brein vraagt niet alleen: hoeveel informatie krijg ik? Het vraagt vooral: klopt dit met wat ik denk dat ik aan het bekijken ben?
Technisch beter is niet hetzelfde als beter
Dat vind ik misschien wel het leukste aan de eeuwige discussie over framerates. We praten er graag over alsof beeldkwaliteit een wedstrijdje cijfers vergelijken is.
4K is beter dan 1080p.
60 fps is beter dan 30 fps.
120 fps is beter dan 60 fps.
Technisch kun je daar allerlei zinnige argumenten voor geven. Maar onze ervaring trekt zich verrassend weinig aan van zulke keurige ranglijstjes.
Soms willen we juist dat een beeld een beetje onscherp wordt wanneer de camera beweegt. Soms willen we dat onze game boterzacht reageert. En soms zet iemand motion smoothing aan op een peperdure televisie en ziet een Hollywoodfilm van 200 miljoen euro er ineens uit alsof de buurman hem gisteren met zijn camcorder heeft opgenomen.
Onze ogen krijgen misschien meer informatie.
Maar ons brein bepaalt uiteindelijk wat die informatie betekent.
Bedankt voor het lezen!
Vind je dit artikel leuk en wil je me steunen? Je kunt me een fooi geven via de knop hieronder. Elke bijdrage helpt me om nog meer geweldige content voor jullie te maken. Bedankt voor je steun!